Goed fout

Nog onlangs te zien bij Cokkie Snoei op Art Rotterdam, een foto van Olaf Martens uit 1995 met de droge titel Britta, Egon, Piefke, Leipzig. Wie wie is laat zich makkelijk raden, dat de aap en de plaatsnaam ook als personen worden opgevoerd geeft een extra accent. Dit is de werkelijkheid in zijn meest kale gedaante, teruggebracht tot de neutrale gegevens van personen, plaats en tijd.

martens-olaf-1995-britta-egon-piefke-leipzig-720

De meeste van de foto’s van Olaf Martens lijken eerder bedoeld voor tijdschriften en reclames dan voor de muur van het museum. De vraag is of zijn werk eigenlijk wel kunst is. Het antwoord is nee, maar dat is in dit geval eerder een aanbeveling dan een tekort.

Wat bovenstaande foto van de rest van het werk onderscheidt is dat er elke glamour, elke pose aan ontbreekt. Hij is 100% geënsceneerd, dat wel, maar evengoed 100% echt. Juist het feit dat deze twee kwaliteiten niet van elkaar te scheiden zijn maakt het interessant. Daarbij is de impact van het beeld zo groot en direct dat bij voorbaat elke interpretatie wordt overruled. De enige beschouwing die er recht aan doet is een opsomming van de feitelijke gegevens: een naakt, een man, een aap en een tv.  

Yoko

Ze is in de eerste plaats natuurlijk de weduwe van John Lennon. Haar entree met het beroemde Hair Peace – Bed Peace in het Amsterdamse Hilton – dit voorjaar precies veertig jaar geleden – viel zo’n beetje samen met het einde van de Beatles. De fans hebben het haar nooit vergeven. Dat John het wat hoog in de bol had wisten we wel, maar wat moest hij nou met een Japanse avant-gardekunstenares? Van performance-kunst hadden we nog nooit gehoord en van het werk van Yoko nog minder. John zelf zei het ooit zo: “She’s the world’s most famous unknown artist: everybody knows her name, but nobody knows what she does.” 

Maar daar gaat verandering in komen. Op de komende Biënnale van Venetië zal Yoko Ono, inmiddels de vijfenzeventig gepasseerd, worden geëerd met een Gouden Leeuw. Met terugwerkende kracht krijgt ze de status van sleutelfiguur in de naoorlogse kunst. Terecht lijkt me, alhoewel meteen moet worden aangetekend dat als háár deze eer toekomt er in principe nog enkele tientallen andere tijdgenoten zijn die als laureaten in aanmerking komen. De organisatie kan dus vooruit.

yoko-ono

Painting for to Hammer a Nail, 1961 / Cut Piece, 1964

Een vroeg werk is Painting for to Hammer a Nail uit 1961. Typisch voor de avant-garde van toen: “pretentieloze” kunst gemaakt van alledaagse materialen en objecten, maar niettemin van een grote verstilling en schoonheid. Iedereen zou het hebben kunnen maken, iedereen kan een spijker pakken en een element aan de compositie toevoegen. De hamer is al voorhanden, één met het kunstwerk dat evenveel idee en proces als product is.

Leven en kunst zijn één, dat is ook een van de gedachten achter Yoko’s beroemdste werk, Cut Piece uit 1964, een performance waarin schoonheid en vernietiging op indringende wijze samengaan. Yoko was twaalf in 1945 en te klein om de betekenis van de bombardementen te begrijpen. Dit neemt niet weg dat voor Japanners van haar generatie het beeld van de bijna totale vernietiging diep in het bewustzijn is geëtst. In dit werk gebruikt de kunstenares haar lichaam als materiaal. Gekleed in een elegante cocktailjurk, stelt ze zich beschikbaar aan het publiek dat uitgenodigd wordt met een schaar haar kleding van haar lijf te snijden. Het resultaat is een psychologisch en seksueel beladen beeld van een naakt dat in zijn tijdloze, klassieke gedaante fraai contrasteert met de grillige flarden van de kleding. Het grote thema is schepping als destructie, een gegeven waar een hele generatie performancekunstenaars – van Vito Acconci tot Marina Abramovic – mee aan de slag zal gaan. Schatplichtig aan Yoko.

Ryan Gander in Boymans

ryan-gander-1

“You should never let the truth get in the way of a good story” was het advies dat Ian Gander zijn zoon ooit gaf. Met zo’n vader heb je weinig keus, je wordt óf schrijver óf kunstenaar. Of misschien ook wel allebei. Dit laatste is inderdaad van toepassing op Ryan Gander, een jonge, zeer geestrijke kunstenaar die met zijn conceptuele werken exposeert in Museum Boymans.

In  de even fraai als bijzonder vormgegeven catalogus wordt elk afzonderlijk werk getoond op een foto op een uitklappagina die al een venster opent en waarop, in gesloten toestand, naast titel en jaartal ook de ontstaansgeschiedenis en de gedachten achter het werk beschreven worden. De boodschap is duidelijk: het werk van Ryan Gander is in de eerste plaats een idee, of, zo je wilt, een beeldend verhaal. 

ryan-gander-21

Neem een werk uit 2008: A sheet of paper on which I was to draw, as it slipped from my table and fell to the floor. De titel vertelt eigenlijk al het hele verhaal. De uitvoering bestaat uit honderd kristallen bollen van 15 cm in doorsnee, verspreid over de vloer van de tentoonstellingruimte. Elke bol bevat het model van een blad papier dat in de vlucht is gevangen. Eeuwig zwevend tussen hemel en aarde, honderd maal vermenigvuldigd en gevat in stralende bollen die als dauwdruppels op de grond liggen: een subliem beeld van een subliem moment. De kunstenaar zat aan tafel, wilde net iets op papier zetten toen het blad wegschoot en van de tafel gleed. Op dat ene ondeelbare moment ontstond, geheel onverwacht, een nieuw beeld van ongekende schoonheid. Een goed verhaal, Ryans vader kan tevreden zijn.

Ryan Gander, Heralded as the new black, Museum Boymans Rotterdam, tot 24 mei

Who’s afraid I

In zijn korte bestaan heeft het op velen een onuitwisbare indruk achtergelaten. Op mij ook. Op enkele meters afstand werd je hele blikveld gevuld met het meest intense rood dat je ooit waarnam. Niet het felste of het hardste rood, maar het meest levende, warme en stralende. Een rood vooral ook dat op je afkwam en je als een ruimte omhulde.

Barnett Newman, 1966-67, Who’s afraid of red, yellow and blue III

Ook nu het niet meer is heeft dit monumentale abstracte doek zijn vermogen behouden om de gemoederen te beroeren. Een van de verklaringen hiervoor is dat het – zeker vanuit Nederlands perspectief – dé icoon is van de moderne kunst. Niet voor niets hing het vanaf dag één midden in de troonzaal, tegenover de ingang op de belle etage van het belangrijkste Nederlandse museum voor moderne kunst.

Who’s afraid of red, yellow and blue?, de titel alleen al! Wat de gecombineerde verwijzing naar Virginia Wolf en Piet Mondriaan aan drama en verhevenheid meebrengt geeft het doek een lading die fraai contrasteert met zijn strenge, conceptuele voorkomen.

En dan het feit dus dat het nog geen twintig jaar oud geworden is en alleen nog bestaat in de herinnering. Nu nog als levend beeld gekoesterd door degenen die er ooit voor stonden maar onherroepelijk gedoemd om te verworden tot een mythe.

(wordt vervolgd)

Art Update: tijd – beeld – werkelijkheid

De nieuwe Art Update-lezing komt eraan, met Richard Avedon, David Claerbout, Pipilotti Rist en Deimantas Narkevičius. Alle vier kunstenaars die een dankbaar onderwerp zijn. Alle vier met tentoonstellingen die inmiddels uitgebreid en veelal lovend in de pers besproken zijn en die nog tot half mei of later lopen. Als het aan de musea ligt wordt het een bijzonder mooi voorjaar.

art-update-080903

Het thema van deze Art Update is de driehoek tijd – beeld – werkelijkheid. Klinkt misschien wat vaag maar het tegendeel is waar. Het onderwerp is het werk van kunstenaars die hun klasse tonen in het nauwkeurige samenspel van onderwerp en zienswijze. Wie zich door hen laat meevoeren treedt binnen in een helder geconstrueerde, betekenisvolle wereld.

Art Update 080903

zo 29 maart Bonnefantenmuseum, Maastricht

za 4 april Glaspaleis, Heerlen

zo 5 april Polanentheater, Amsterdam

za 18 april Van Abbemuseum, Eindhoven

zo 19 april Museum De Pont, Tilburg

za 25 april Museum Het Domein, Sittard
Tijd: 14.00-16.00
De lezing in Amsterdam is gratis toegankelijk.

Klik voor meer informatie hier.

The Shape of Time

Alleen al de titel van de tentoonstelling – The Shape of Time – is fascinerend; de suggestie dat tijd materiaal is dat je kan kneden, uit elkaar kan halen en kan gebruiken om kunst van te maken. Dit is precies wat David Claerbout doet. Door vorm te geven aan de tijd maakt hij deze zichtbaar en voelbaar op een wijze die we zelden hebben ervaren. 

11

Een moment dat eindeloos lang duurt, een foto die tegelijkertijd een film is, één gebeurtenis die vanuit twee verschillende perspectieven tegelijk in beeld wordt gebracht, door de conventionele omgang met tijd open te breken, schept Claerbout alle ruimte voor de verbeelding van de toeschouwer. Kijkend naar zijn werk realiseer je je dat dit heel dicht bij het echte waarnemen komt. Bij dat wat je van nature doet met een beeld dat de verbeelding prikkelt, of het nu een foto of een film is, namelijk je eigen gedachtes, herinneringen en voorstellingen ermee laten versmelten en het daarmee in de tijd te laten oplossen.

De kracht van het werk zit ‘m ook in de uiterste precisie en helderheid van de uitvoering. Dit is kunst die nu al klassiek is, dat wil letterlijk zeggen, tijdloos en van de hoogste klasse. Niets is aan het toeval overgelaten, uit alles spreekt een grote beheersing en overtuiging. 

Zo ook de inrichting van de tentoonstelling. In de grote open ruimte van De Pont wordt de bezoeker opgenomen in een transparante wereld van beeld en geluid en ondergedompeld in een ervaring die even mooi als indringend is.

 
The Shape of Time – David Claerbout
14 maart – 28 juni, Museum de Pont, Tilburg

21